Wat een kerk is wordt bepaald door hoe ze samenkomt

Een huiskerk is niet alleen een kerk die in een huis bijeenkomt. Wat een kerk precies is wordt niet in eerste instantie bepaald door de plaats waar ze samen komt, maar door HOE ze samenkomt. De manier waarop behoort de functie van een kerkbijeenkomst te weerspiegelen.

Als de functie van de kerk en haar samenkomsten ooit goed begrepen werd, zal dit wel door de twaalf apostels geweest zijn. Ze waren door Jezus uitgekozen voor een drie jaar lange persoonlijke training, daarna besteedde Jezus nog eens veertig dagen aan hen, na zijn opstanding en ze ontvingen samen een overduidelijke en bekrachtigende uitstorting van Gods Geest. Dit moet allemaal weerspiegeld geweest zijn in de manier waarop zij nadien als kerk bijeen kwamen.

Huiskerken zoeken in het nieuwe testament naar patronen van de kerkpraktijk, of naar de apostolische traditie, in de overtuiging dat dit de norm is voor een goede kerkpraktijk en -dynamiek vandaag. Ze vragen zich niet af of ze moeten handelen zoals men dat in het NT deed, maar waarom ze ooit iets op een andere manier zouden willen doen. Ze nemen geen genoegen met "omdat onze tegenwoordige kerktraditie dat nu eenmaal voorschrijft".

Huiskerken ervaren de bijzondere tegenwoordigheid van de Heer, en bijzondere geestelijke opbouw als ze wekelijks samenkomen om het "brood met elkaar te breken" in de vorm van een gewone maaltijd tot nagedachtenis van Jezus. Daarbij staat het streven naar eenheid en het delen met elkaar centraal. Ter deze gelegenheid wordt op interactieve wijze over de zaken van Gods koninkrijk gesproken, en gestreefd naar unanieme beslissingen. Oudsten en leiders onderwerpen zich aan deze beslissingen van de gemeente, en gedragen zich als een ingehuurde gids, die wegens zijn kennis en ervaring het best gevolgd wordt, maar uiteindelijk toch maar in dienst van de gemeente staat.

Het meest cruciale is de nadruk op de tegenwoordigheid van de Heer, als twee of meer in zijn naam vergaderd zijn, en het zoeken naar wat Hij zegt om te doen wat Hij wil. Door dit te verwaarlozen zou het streven naar een NT-ische kerkpraktijk eerder een last dan een plezier worden. Zonder Christus in het centrum is het volgen van apostolische patronen wetticisme, een holle vorm, nutteloos, vervelend en dodelijk voor het geloof.